LOKAAL STERK

Art.40

College schuift verantwoordelijkheid over communicatie en klachten af naar organisatoren evenementen

Breda'97 heeft onlangs vragen gesteld over de inspraak van inwoners en de bereikbaarheid van de gemeente over en tijdens evenementen. Binnen de gemeente Breda is het gebruikelijk dat de inwoners niet worden gekend of geïnformeerd door de gemeente bij de komst van een evenement.

De gemeente verwijst de organisatoren naar de buurtbewoners voor het maken van afspraken. Ook klachten voor, tiijdens en na het evenement moeten eerst door de bewoners aan de organisatie gemeld worden. Ofwel de slager zijn eigen vlees laten keuren.

De gemeente is tijdens de evenementen bereikbaar via het nummer 14076 of email. Dit betekent dat (ernstige) klachten meestal pas na het evenementworden behandeld.

Op de onderstaande vragen van 12-4-2017 hebben we inmiddels antwoord gehad waarbij de bovenstaande praktijk wordt bevestigd.

Naar aanleiding van het NHTV feest hebben we aanvullende vragen gesteld omdat naar onze informatie de inwoners niet gekend waren in de te verstrekken vergunning voor dit evenement en dat klachten tijdens het evenement niet adequaat worden afgehandeld.

Dit met u als inwoner van Breda eens proberen. Als u 's avonds te harde muziek draait dan staat binnen geen tijd de politie op de stoep. Als de halve stad/buurt/dorp last heeft van een evenement dan kan de organisator gewoon zijn gang gaan.

Breda'97 zal in ieder geval bij de behandeling van de komende evenemetennota aandacht vragen voor een betere inspraakregeling van de inwoners en een adequate organisatie tijdens evenementen die ook op kunnen treden tegen overschrijdingen van de vergunningen tijdens een evenement.

In deze link vindt u de beantwoording art 40 vragen van 12-4  door het college.

Onderstaand de artikel 40 vragen over de bereikbaarheid en participatie gemeente Breda tijdens evenementen 

Breda, 14-05-2017

Betreft: Art 40 Bereikbaarheid en participatie gemeente Breda tijdens evenementen

Op 14-4-2017 heeft Breda’97 artikel 40 vragen gesteld over dit onderwerp.

Helaas hebben wij tot nu toe nog geen antwoord mogen ontvangen, terwijl het buiten evenementenseizoen inmiddels al weer geopend is.

Dat onze vragen niet voor niets gesteld zijn blijkt weer uit de berichtgeving over het NHTV feest van afgelopen donderdag en vrijdag.

Allereerst zijn de buurtbewoners zeer verontwaardig over het verlenen van een vergunning van een tentfeest op donderdagavond, een avond die voor de werkenden gewoon betekent dat ze de volgende morgen moeten werken, waarbij hun nachtrust dus van groot belang is om de volgende dag goed te presteren.

In aanvulling op vraag 1 op onze vragen van 14-4 vragen wij het college welk overleg er heeft plaatsgevonden met de inwoners en / of wijkraden over dit te houden NHTV-feest?

Is het eind tijdsstip van het feest, van 01.00 uur ook met de inwoners besproken? En wat zijn de overwegingen vanuit de gemeente om ontheffing tot 01.00 uur te verlenen op een door de weekse dag?

Zijn de toegestane geluidsniveaus aan de inwoners voorgelegd? En waren zij hiermee akkoord?

Als dit overleg heeft plaatsgevonden ontvangen wij graag de notulen van deze besprekingen met daarbij de op- en aanmerkingen van de inwoners en de beslissing van de gemeente om hier al dan niet rekening mee te houden.

De op 14-4 gestelde vraag 3 hebben wij de vraag gesteld over het instellen van een uniform meldpunt klachten.

In de pers en op Social media lees ik dat NHTV vraagt de klachten bij hen te melden. Was in de vergunning geregeld waar de inwoners van Breda terecht kunnen met hun klachten? Is aan de inwoners bekend gemaakt waar zij hun klachten in konden dienen en was dit een centraal nummer van de gemeente? Zo nee, waarom niet?

Heeft de gemeente op de avonden van het feest klachten ontvangen en is hier direct op adequaat op gereageerd om direct verdere overlast te voorkomen of is er gewacht tot de volgende werkdag? Waarom is er gewacht tot de volgende werkdag, zie hierover ook onze vragen van 14-4?

Breda’97

Jos van Etten

Peter Vissers

Viola de Bruijn

Breda, 14-04-2017

Betreft: Art 40 Bereikbaarheid gemeente tijdens evenementen

De evenementennota van het college is in door het college mee teruggenomen vanwege het gebrek aan herkenbaarheid van het stuk door betrokken partijen zoals o.a. inwoners, horeca en ondernemers op het gebied van evenementenorganisatie.

In een gesprek hierover met de wijkraad Stadshart kwam naar boven dat enkele nijpende onderwerpen die eigenlijk los staan van het evenementenbeleid niet adequaat door de gemeente worden behandeld. De wijkraad heeft hierover het afgelopen jaar divers keren contact gehad met de wethouder en ambtenaren. Dit heeft niet geleid tot resultaten, noch in de doorwerking in de evenementennota noch anderszins. Is hier een parallel te trekken met de totstandkoming van het parkeerbeleid in het stationsgebied waar ook de inbreng van de inwoners en wijkraad door de wethouder werd genegeerd.

Breda’97 vraagt het college:

Welke waarde hecht het college aan de inspraak van inwoners en wijk- en dorpsraden?
Zo bestaat al jaren een wens om tijdens evenementen een telefoonnummer te handteren van de gemeente, bemand door mensen van de gemeente, die direct in kunnen grijpen bij situaties die daar om vragen. Nu is het blijkbaar zo dat de gemeente vindt dat de organisatoren zelf verantwoordelijk zijn voor het aannemen en afhandelen van klachten, of deze nu gaan over geluidsoverlast, beperking van bereikbaarheid van de eigen woning of andersoortig overlast veroorzaakt door het evenement. Bij een aantal evenementen wordt de klachtentelefoon opgenomen door een organisatie buiten Breda. Volgens ervaring wordt de klacht genoteerd en op de eerst volgende werkdag door de gemeente in behandeling genomen, dus nadat het evenement heeft plaatsgevonden.

Breda’97 is van mening dat toezicht en handhaving een taak is van de overheid en dat dit adequaat en tijdig moet worden uitgevoerd. In het geval van bijvoorbeeld klachten over geluidsoverlast tijdens een feestje staat de politie vrij snel op de stoep van de veroorzaker. Dit zou ook moeten gebeuren bij evenementen. Het kan in de ogen van Breda’97 niet zo zijn dat de rechten van de inwoners genegeerd worden alleen uit commercieel belang van de uitbaters.

Wij hebben dan ook de volgende vraag aan het college:

2 Is het college het met Breda’97 eens dat iedereen in de gemeente zich dient te houden aan wetten en voorwaarden die gesteld zijn in vergunningen aan evenementenorganisaties?

3 Is het college het met Breda’97 eens dat de inwoner van Breda recht heeft op een eenduidige manier van het indienen van klachten bij een overheidsinstantie, gemeente en/of politie. Dus één klachtenadres dat voor ieder evenement geldt waarbij altijd hetzelfde telefoonnummer of e-mailadres gebruikt moet worden dat tijdens evenementen bemand dient te zijn? Zo ja kan dit nog geregeld worden voor het komende openlucht evenementenseizoen?

4 Is het college het met Breda’97 eens dat klachten altijd direct beoordeeld dienen te worden en indien nodig direct afgehandeld dienen te worden.

5 Is het college het met Breda’97 eens dat de kosten die hiervoor gemaakt worden bij commerciële organisaties in rekening worden gebracht.

Tot onze verbazing vernamen wij ook dat de wijkraad benaderd werd door een organisatie die af wil wijken van het sluitingsuur van een openlucht evenement. Naar de mening van Breda’97 en de wijkraad is de wijkraad niet bevoegd om afwijkingen van sluitingsuren goed te keuren. De wijkraad vindt de doorverwijzing van de gemeente naar de wijkraad dan ook ongepast.

6 Kan het college aangeven waarom organisatoren doorverwezen worden naar de wijkraad?

7 Is het college het met Breda’97 eens dat beslissingen over afwijkingen op regels horen te liggen bij het college/gemeente en dat organisatoren in dit soort situaties niet naar de wijkraden doorverwezen mogen worden?

Breda’97

Jos van Etten

Peter Vissers

Viola de Bruijn

Copyright Breda'97 2017